Actueel

Gedichten in een vreemde taal toegankelijk maken

Dit lesidee is eerder verschenen in Levende Talen Magazine: 2021-4, maar is onveranderd actueel.

Gedichten in een vreemde taal worden toegankelijker als leerlingen vóór het lezen al grip krijgen op beelden, woorden en verwachtingen. Deze werkvorm combineert literatuuronderwijs met spreekvaardigheid en woordenschat, zodat leerlingen het gedicht niet alleen beter begrijpen, maar ook meer betrokken lezen.

  • Doelstelling: Door taalvaardigheidsopdrachten vóór het lezen worden gedichten toegankelijker voor leerlingen.
  • Taal: moderne vreemde talen
  • Niveau: bovenbouw havo/vwo
  • Tijd: 30/40 minuten
  • Benodigdheden: een gedicht, bijpassende plaatjes en een selectie van moeilijke woorden/stijlfiguren

Literatuur staat vaak ver van leerlingen af. Ze hebben het gevoel dat het niets met hen te maken heeft en ervaren gedichten in een vreemde taal als moeilijk toegankelijk. Vragen uit de methode worden regelmatig afgehandeld alsof het tekstverklaren betreft. De vraag is beantwoord – en door! Van verbinding, ervaren en waarderen van het werk is vaak geen sprake.

Uit de promotieonderzoeken van Bloemert (2019) en Lehrner-Te Lindert (2020) kwam naar voren dat leerlingen productieve opdrachten – opdrachten waarbij zij hun taalvaardigheid ontwikkelen door de taal te gebruiken – in literatuurlessen erg waarderen. De hieronder beschreven werkvormen vóór het lezen helpen leerlingen om voorkennis te activeren en verwachtingen te formuleren. Nieuwsgierigheid wordt geprikkeld en talige en inhoudelijke moeilijkheden worden weggenomen voordat het gedicht gelezen wordt. Hierdoor voelen leerlingen zich meer betrokken wanneer ze het gedicht lezen en begrijpen ze het gedicht beter.

Werken met beelden en talige moeilijkheden

De docent toont vóór het lezen één of meerdere plaatjes die aansluiten bij het gedicht, bijvoorbeeld bij de stemming, situatie, tijd of plaats. Bij een gedicht waarin de scheiding door de Berlijnse Muur een belangrijk thema is, kunnen bijvoorbeeld plaatjes worden getoond van de Berlijnse Muur en van mensen die van elkaar gescheiden zijn.

Laat leerlingen in de doeltaal bespreken wat ze zien, welke vragen ze hebben, wat de plaatjes in hen oproepen en of ze zelf weleens in een vergelijkbare situatie zijn geweest. Leerlingen denken eerst individueel na, daarna delen ze hun gedachten met verschillende partners en vervolgens wordt er klassikaal uitgewisseld. De docent vult inhoudelijk aan en noteert eventuele belangrijke woorden op het bord. De leerlingen beschikken nu over achtergrondinformatie bij de inhoud van het gedicht.

De volgende werkvorm dient om talige moeilijkheden weg te nemen die het tekstbegrip zouden kunnen belemmeren. De docent toont hiervoor een selectie van moeilijke woorden en/of kernwoorden uit het gedicht. De leerlingen vertellen met behulp van deze woorden in de doeltaal een eigen verhaal, waarin zo veel mogelijk geselecteerde woorden voorkomen. Ook dit kan eerst met een aantal partners gedeeld worden, voordat er klassikaal wordt uitgewisseld.

Als variatie kan de docent ook stijlfiguren uit het gedicht selecteren en deze vooraf laten verwerken. De docent selecteert bijvoorbeeld een aantal metaforen en personificaties uit het gedicht. Hij legt de begrippen metafoor en personificatie uit en verduidelijkt deze met behulp van een voorbeeld. Vervolgens bespreken de leerlingen in drietallen wat de geselecteerde zinnen uit het gedicht letterlijk betekenen, of het om een metafoor of een personificatie gaat en wat er volgens hen figuurlijk mee bedoeld wordt. Eventuele vraagtekens worden klassikaal besproken. De talige moeilijkheden zijn nu voorbewerkt.

Wanneer de leerlingen aansluitend het gedicht lezen, begrijpen ze beter waar het over gaat. Ze bekijken het gedicht meer als gedicht in plaats van als een oefening in tekstverklaren en struikelen minder over moeilijke woorden of stijlfiguren. Het behandelen van een gedicht kost op deze manier wellicht wat meer lestijd, maar je werkt tegelijkertijd op een betekenisvolle manier aan spreekvaardigheid en woordenschatverwerving.

Peggy van Hoesel

Bronnen

  • Bloemert, J. (2019). Getting off the fence: Exploring the role, position, and relevance of literature education in the teaching of English as a foreign language in Dutch secondary education [Dissertatie, Rijksuniversiteit Groningen]. University of Groningen Research Portal. https://research. rug.nl/en/publications/getting-off-the-fence-exploring-the-role-position-and-relevance-o
  • Lehrner-te Lindert, E. (2020). Fremdsprachliches Lesen mit literarischen Texten: Zur Entwicklung von Leseverstehen und literarischer Kompetenz im DaF-Unterricht der niederländischen Sekundarstufe I [Dissertatie, Universiteit Utrecht]. Utrecht University Repository. http://dspace.library.uu.nl/handle/1874/394525

Andere berichten

Copyright © 2026